Ezra
Inleiding
Inleiding

Het boek Ezra is de voortzetting van het boek 2 Kronieken, al liggen er zeventig jaren tussen. Dat blijkt wel daaruit dat de eerste drie verzen van Ezra nagenoeg gelijk zijn aan de laatste verzen van 2 Kronieken (Ea 1:1-31In het eerste jaar nu van Kores, de koning van Perzië, wekte de HEERE de geest van Kores op, de koning van Perzië, opdat het woord van de HEERE, [dat Hij] bij monde van Jeremia [gesproken had], vervuld zou worden om door zijn hele koninkrijk een boodschap te laten gaan, ook in geschrifte:2Zo zegt Kores, de koning van Perzië: Alle koninkrijken van de aarde heeft de HEERE, de God van de hemel, aan mij gegeven, en Hij is het Die mij heeft opgedragen om een huis voor Hem te bouwen in Jeruzalem, dat in Juda ligt.3Wie er onder u ook maar tot al Zijn volk behoort – zijn God zij met hem – laat hij optrekken naar Jeruzalem, dat in Juda ligt, en laat hij het huis van de HEERE, de God van Israël, bouwen; Hij is de God Die in Jeruzalem [woont].; 2Kr 36:22-2322In het eerste jaar nu van Kores, de koning van Perzië, wekte de HEERE de geest van Kores op, de koning van Perzië, opdat het woord van de HEERE, [dat Hij] bij monde van Jeremia [gesproken had], vervuld zou worden om door zijn hele koninkrijk een boodschap te laten gaan, ook in geschrifte:23Zo zegt Kores, de koning van Perzië: Alle koninkrijken van de aarde heeft de HEERE, de God van de hemel, aan mij gegeven, en Hij is het Die mij heeft opgedragen om een huis voor Hem te bouwen in Jeruzalem, dat in Juda ligt. Wie er onder u ook maar tot al Zijn volk behoort – de HEERE, zijn God, zij met hem en laat hij optrekken.). De tussenliggende periode van zeventig jaar wordt echter overgeslagen omdat Israël in die tijd buiten het beloofde land in ballingschap is. Met de wegvoering in ballingschap zijn “[de] tijden van [de] volken” (Lk 21:2424En zij zullen vallen door [het] scherp van [het] zwaard en als gevangenen worden weggevoerd onder alle volken; en Jeruzalem zal door [de] volken worden vertrapt, totdat [de] tijden van [de] volken zijn vervuld.) begonnen. Voor Israël geldt sinds die tijd dat het volk “Lo-Ammi” is, wat betekent “niet Mijn volk” (Hs 1:99En Hij zei:
Geef hem de naam Lo-Ammi,
want u bent niet Mijn volk
en Ík zal er voor u niet zijn.
)
. God heeft sinds die tijd de troon van de aarde overgedragen aan de volken (Dn 2:3737U, o koning, bent een koning der koningen, want de God van de hemel heeft u het koningschap, macht, sterkte en eer gegeven.).

In de geschiedenis van God met Zijn volk en de aarde zien we in Ezra een nieuw gezichtspunt. We zien daar de tussenkomst van genade voor een overblijfsel dat God uit gevangenschap terugbrengt naar het land. De terugkeer uit Babel gebeurt niet onder begeleiding van tekenen en wonderen, zoals dat wel gebeurt bij de uittocht uit Egypte. We zien geen staf om wonderen te doen, geen wolkgeleide, geen middelaar, geen voorzieningen uit de voorraadschuren van de hemel waaruit het manna regent.

In het boek Ezra handelt God niet zichtbaar, maar in voorzienigheid, achter de schermen. Hij erkent de nieuwe stand van zaken en gebruikt heidense vorsten tot uitvoering van Zijn plannen. Het overblijfsel gaat niet aan het werk met het oog op Gods heerschappij over de aarde. Dat is nog toekomst. Wat er wel is, is de kracht van het geloof. Wat ze doen, doen ze in geloof, in vertrouwen op God, hoe de omstandigheden ook mogen zijn.

Daarom is dit boek vol onderwijzing voor ons, die in omstandigheden leven die in veel opzichten overeenkomen met die van het overblijfsel toen. Zij gebruiken wat ze hebben en ze doen wat ze kunnen, maar ze matigen zich niets aan wat ze niet hebben en niet kunnen. Ze hebben het Woord en gebruiken het. Ze hebben de geslachtsregisters en gebruiken die. Ze doen niet waartoe alleen het gebruik van urim en tummim hen in staat stelt (Nm 27:2121En hij moet voor Eleazar, de priester, gaan staan, en die zal voor hem vragen naar het oordeel van de urim, voor het aangezicht van de HEERE. Op zijn bevel zullen zij uitgaan en op zijn bevel zullen zij ingaan, hij, en al de Israëlieten met hem, heel de gemeenschap.), want die hebben ze niet. Het is niet zo dat ze weigeren te doen wat ze kunnen omdat ze niet alles kunnen doen wat ze willen. Ze wachten op anderen die hebben wat zij niet hebben.

Dat Ezra de voortzetting is van 2 Kronieken, blijkt ook uit het hoofdonderwerp van het boek. Het gaat in dit bijbelboek, net als in 2 Kronieken, over het huis van God. God verlangt ernaar bij een verlost volk te wonen. Dat blijkt al bij de uittocht uit Egypte, als Hij de tabernakel geeft. Dat blijkt ook bij de intocht in het land, als Hij de tempel geeft. Zijn verlangen is niet veranderd, nu het volk alles heeft verspeeld. Als Hij een terugkeer naar Zijn land bewerkt, is dat om weer te midden van Zijn volk te wonen en dat Zijn volk naar Hem toe komt met offers.

Dit geldt nog steeds in de tijd waarin wij leven. Het huis van God is nu “[de] gemeente van [de] levende God, [de] pilaar en grondslag van de waarheid” (1Tm 3:1515Maar als ik uitblijf, [schrijf ik] opdat je weet hoe men zich moet gedragen in [het] huis van God, dat is [de] gemeente van [de] levende God, [de] pilaar en grondslag van de waarheid.). God werkt ook nu nog het verlangen om te komen naar de plaats waar Hij woont. Hij woont nu bij gelovigen, al zijn het er maar twee of drie, die tot de Naam van de Heer Jezus samenkomen (Mt 18:2020Want waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn Naam, daar ben Ik in hun midden.).

Het boek Ezra bestaat uit twee delen:
1. Het verhaal van de terugkeer van de ballingen, de grondlegging van het altaar en de herbouw van de tempel (Ea 1-6).
2. De terugkeer van Ezra zelf en zijn dienst onder het volk (Ea 7-10).

Tussen beide delen verloopt ongeveer zestig jaar. In die periode vinden de gebeurtenissen van het boek Esther plaats. In het eerste deel van Ezra valt ook het optreden van de profeten Haggaï en Zacharia (Ea 5:11De profeten Haggaï, de profeet, en Zacharia, de zoon van Iddo, profeteerden onder de Joden die in Juda en in Jeruzalem waren; in de Naam van de God van Israël [profeteerden zij] tegen hen.), terwijl we de profeet Maleachi kunnen plaatsen in de tijd van Nehemia.


Lees verder